Nieuwsbericht

Commissiedebat Openbaar Vervoer en Taxi: staatssecretaris zet in op bereikbaarheid, publieke mobiliteit en samenwerking

Tijdens het commissiedebat Openbaar Vervoer en Taxi ging staatssecretaris Bertram uitgebreid in op de toekomst van het openbaar vervoer, de regionale bereikbaarheid en de rol van nieuwe vormen van publieke mobiliteit. Voor de VDVN zijn vooral de passages over doelgroepenvervoer, vraaggestuurd vervoer en de integratie van verschillende mobiliteitsvormen relevant.

Bereikbaarheid onder druk
De staatssecretaris benadrukte dat openbaar vervoer veel meer is dan vervoer van A naar B. Volgens haar is OV essentieel om deel te kunnen nemen aan de samenleving. Zij verwees daarbij naar cijfers waaruit blijkt dat een groeiende groep ouderen moeilijk binnen redelijke reistijd een ziekenhuis of polikliniek kan bereiken.

Tegelijkertijd gaf zij aan dat het Nederlandse OV-stelsel internationaal nog altijd sterk presteert, maar dat er wel degelijk sprake is van "scheuren in het systeem". Die worden volgens haar zichtbaar in de verschraling van het aanbod, met name in de regio's, waar bushaltes verdwijnen en voorzieningen onder druk staan.

Rijksregie, maar samen met de regio
Een belangrijk onderdeel van de kabinetsaanpak wordt de terugkeer van meer landelijke regie. De staatssecretaris maakte daarbij duidelijk dat het niet gaat om een centrale aanpak vanuit Den Haag zonder regionale inbreng.

Op basis van de regionale bereikbaarheidsanalyses die momenteel worden uitgevoerd wil het Rijk samen met provincies, gemeenten en vervoerders bepalen welke maatregelen nodig zijn. Daarbij moet zowel naar het landelijke hoofdnetwerk als naar de regionale en lokale verbindingen worden gekeken.

Publieke mobiliteit als tweede pijler
Voor VDVN-leden was vooral de aandacht voor publieke mobiliteit opvallend. De staatssecretaris noemde dit expliciet als één van de vier pijlers van haar aanpak.

Daarbij verwees zij naar voorbeelden uit onder meer Zeeland en de Drechtsteden, waar verschillende vervoersvormen steeds vaker worden gecombineerd. Het gaat daarbij om een samenhangend systeem waarin regulier openbaar vervoer, vraaggestuurd vervoer, doelgroepenvervoer en andere mobiliteitsdiensten beter op elkaar aansluiten.

Volgens de staatssecretaris wordt op meerdere locaties in Nederland geëxperimenteerd met dergelijke combinaties om te onderzoeken hoe reizigers beter kunnen worden bediend en bestaande middelen efficiënter kunnen worden ingezet. Zij doelt hiermee op de koploperregio’s. 

Positieve verwijzing naar congres doelgroepenvervoer
Opvallend was dat de staatssecretaris tijdens het debat verwees naar haar aanwezigheid op ons congres op 7 oktober. Zij gebruikte dit als voorbeeld van de manier waarop partijen gezamenlijk zoeken naar oplossingen voor bereikbaarheidsvraagstukken.

Volgens haar laten de praktijkvoorbeelden zien dat publieke mobiliteit niet alleen een beleidsconcept is, maar op verschillende plaatsen al daadwerkelijk wordt toegepast.

Vraaggestuurd vervoer nadrukkelijk in beeld
Verschillende Kamerleden uitten zorgen over het verdwijnen van bushaltes en buslijnen. De staatssecretaris erkende die zorgen, maar wees erop dat het verdwijnen van een reguliere halte niet per definitie hoeft te leiden tot minder bereikbaarheid.

Zij noemde situaties waarbij vaste lijnen worden gecombineerd met flexvervoer, mobiliteitshubs of vraaggestuurde systemen. Wel erkende zij dat dergelijke veranderingen zorgvuldig moeten worden vormgegeven en dat reizigers duidelijk moeten weten wat de alternatieven zijn.

Volgens de staatssecretaris moet worden voorkomen dat exploitatieproblemen leiden tot een verdere achteruitgang van de bereikbaarheid. Daarom wil zij met vervoerders en regio's in gesprek over de wijze waarop verschillende vervoervormen elkaar kunnen versterken.

Zeeland als voorbeeld
Meerdere keren kwam het Zeeuwse mobiliteitsmodel aan bod. Kamerleden vroegen aandacht voor de effecten van de overgang naar meer vraaggestuurd vervoer.

De staatssecretaris gaf aan dat deze omslag in Zeeland aanvankelijk op weerstand stuitte, maar dat inmiddels positieve resultaten zichtbaar zijn. Zij wees erop dat reizigers het systeem volgens de beschikbare gebruikersonderzoeken hoog waarderen.

Naar aanleiding van vragen uit de Kamer sprak zij steun uit voor een technische briefing waarin de ervaringen uit Zeeland nader worden toegelicht. Daarbij gaf zij aan dat ook andere regionale pilots kunnen worden betrokken.

Specifieke aandacht voor doelgroepenvervoer
Voor de VDVN was met name van belang dat doelgroepenvervoer meerdere malen expliciet werd genoemd als onderdeel van toekomstige mobiliteitsoplossingen.

Tijdens het debat werd onder meer gesproken over:

  • het combineren van doelgroepenvervoer en openbaar vervoer;
  • het slimmer benutten van bestaande vervoersstromen;
  • het gebruik van taxi's binnen regionale mobiliteitssystemen;
  • de ontwikkeling van landelijke digitale reisinformatie.

De staatssecretaris noemde daarbij expliciet dat zij hierover overleg wil voeren met de vereniging doelgroepenvervoer VDVN en met DOVA. Zij verwees in dat kader naar de mogelijkheid van een landelijke app waarin verschillende vormen van publieke mobiliteit beter worden ontsloten voor reizigers.

Vervolg
Begin 2027 verwacht de staatssecretaris de uitkomsten van de regionale bereikbaarheidsanalyses. Op basis daarvan wil zij een landelijk totaalbeeld presenteren van de bereikbaarheid en de rol die openbaar vervoer, vraaggestuurd vervoer, doelgroepenvervoer en andere mobiliteitsvormen daarin kunnen spelen.

Voor de VDVN is positief dat het kabinet publieke mobiliteit nadrukkelijk ziet als onderdeel van de oplossing voor bereikbaarheidsvraagstukken. Het doelgroepenvervoer wordt daarbij niet langer uitsluitend als afzonderlijke voorziening beschouwd, maar steeds meer als onderdeel van een breder mobiliteitssysteem waarin samenwerking tussen vervoervormen centraal staat.